Brief van OVS aan de Minister van Mobiliteit, Dhr Gilkinet

Betreft: Crisis bij de NMBS – personeelstekort en verplichte uitbetaling rustdagen

Geachte heer Gilkinet,

Onlangs werd het NMBS-personeel ervan in kennis gesteld dat de achterstallige rust- en compensatiedagen waar ze nog recht op hebben, door de maatschappij zullen worden uitbetaald, dit naar aanleiding van een onderzoek door de FOD WASO. Als voogdijminister van de Belgische Spoorwegen bent u hiervan ongetwijfeld op de hoogte.

Deze beslissing wordt uitdrukkelijk niet aanvaard door het personeel dat al lange tijd op hun tandvlees zit omwille van een structureel personeelstekort bij zowat alle operationele beroepscategorieën. Eén en ander blijkt duidelijk uit de protesten die de syndicale vertegenwoordigers hebben geuit, personeelsleden die spontaan het werk hebben neergelegd, een stijging van het ziekteverzuim sinds de bekendmaking, verschillende petities en talloze berichten op de sociale media. Het personeel ervaart deze uitbetaling als een georganiseerde diefstal van hun vrije tijd, van mooie momenten die ze met vrienden of familie hadden kunnen doorbrengen.

Een groot deel van het personeel heeft ondertussen -volkomen begrijpelijk- aangegeven geen enkele vorm van flexibiliteit meer aan de dag te leggen wat betreft hun werkroosters. Laat het net deze flexibiliteit zijn die de maatschappij de afgelopen jaren drijvende heeft gehouden.

Het onvoldoende toekennen van deze rust- en compensatiedagen -waarmee de NMBS reeds jarenlang de bepalingen van de Arbeidswet van 1971 overtreedt- en de alsmaar stijgende productiviteit in combinatie met een personeelsbestand dat steeds verder

ingekrimpt wordt, leiden tot een hogere prevalentie van werkgerelateerde stress, burn-outs en een toenemende uitval door ziekte. Onze spoorwegmedewerkers vinden in de huidige uurroosters -zoals ze veelal worden toegepast- geen tijd meer om te recupereren. Deze herstelbehoefte bleek ook zeer duidelijk uit de resultaten van een welzijnsanalyse die eerder dit jaar werd uitgevoerd. De sociale vrede binnen het bedrijf kan op deze manier niet langer bewaakt worden, en het is hallucinant dat net een overheidsbedrijf met een voorbeeldfunctie voor de maatschappij zich al jarenlang op deze manier boven de wet stelt.

Om de vicieuze cirkel van personeelstekort en ziekte te kunnen doorbreken is er nood aan concrete oplossingen voor structurele problemen: massale aanwervingen zijn van cruciaal belang en extra middelen zijn levensnoodzakelijk. Dergelijke injectie van mensen en middelen is voor de aanpak van de torenhoge ziektecijfers op dit ogenblik echter niet voldoende. Voor vele sleutelfuncties binnen onze maatschappij is er immers sprake van een tijdsintensieve aanwervings- en opleidingsperiode. Om u een idee te geven, de opleiding van een treinbegeleider duurt ongeveer vier maanden, de basisopleiding van een treinbestuurder een jaar waarna deze beperkt inzetbaar is en nog verschillende maanden van materieelopleiding en lijnstudie volgen. Kostbare tijd die de nu al wankele fysieke en mentale gezondheid van ons personeelsbestand niet meer kan blijven trekken. Volgens OVS is er dan ook een nood aan onmiddellijke maatregelen zoals aan een aangepast en afgeslankt vervoersplan. Dit om ervoor te zorgen dat de toename van ziektecijfers geen aanleiding zou geven tot een toename van veiligheidsrisico’s en willekeurig afgeschafte treinen.

In uw beleidsnota van 12 november 2020 staat te lezen: “Alle mannen en vrouwen die het mogelijk gemaakt hebben om tijdens de pandemie de dienstverlening te behouden, verdienen onze erkentelijkheid en dankbaarheid.” Vandaag spijt het ons te moeten vaststellen dat deze erkentelijkheid ver te zoeken is wanneer u in de zitting van de Kamer jongstleden als reactie op de door uw collega’s gestelde vragen met betrekking tot deze problematiek slechts wil benadrukken “dat het een kwestie is die raakt aan het sociaal beheer van de ondernemingen zelf” waarin u zich niet wenst te mengen. Het spoorwegpersoneel, het personeel dat één van de motoren van de samenleving zelfs doorheen de coronacrisis draaiende hield, verdient beter.

We wijzen u er graag op dat u als bevoegde minister de macht bezit om punten op de agenda van de Nationale Paritaire Commissie te laten plaatsen. Hoewel het u siert dat u in eerste instantie de autonomie van de NMBS wil garanderen, toont de huidige situatie vooral aan dat het hoog tijd is om in te grijpen. De directie blijkt al jaren doof te zijn voor de verzuchtingen van het personeel, tot op het punt dat de Federale Overheidsdienst WASO moest ingrijpen om een overheidsbedrijf te verplichten om de wettelijke bepalingen na te leven. Indien er morgen een oververmoeide spoorwegbediende een fout maakt die leidt tot een zwaar ongeval, zal dit dan uitsluitend interne materie voor NMBS of Infrabel zijn, of zou de overheid hierin eveneens een verantwoordelijkheid dragen?

We willen u dan ook verzoeken om zo snel mogelijk in te grijpen, om de uitermate scheefgetrokken verhoudingen weer recht te zetten en om zo verder te kunnen bouwen aan de modal shift die we samen met u willen bewerkstelligen. We hopen dan ook dat u zult bekijken of de directies van NMBS en HR-Rail hun dotatie ‘als een goede huisvader’

besteden, en dat u zich, binnen de regering waarvan u deel uitmaakt, zal inzetten voor het verkrijgen van de fondsen die noodzakelijk zijn voor een bestendig treinaanbod met bijbehorende investeringen, in de eerste plaats in personeel.

We hopen oprecht dat deze crisis nog afgewend kan worden zonder syndicale acties, en zijn uiteraard steeds bereid om deze problematiek persoonlijk te komen bespreken op uw kabinet.

Met de meeste hoogachting,

Joachim Permentier

Voorzitter OVS

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.